Saskia Leefsma: Adviseur gegevensbeheer kunstcollecties

foto Saskia Leefsma - verkleind.PNG

Hoe ben je in dit vak terecht gekomen?
Ik wilde als kind 'leeszaaljuffrouw' worden. Ik kwam graag in de Openbare Bibliotheek. Maar tekenlerares leek me ook wel wat. Mijn moeder gaf na schooltijd in haar atelier tekenlessen. Ik heb daarom een blauwe maandag op de Vrije Academie in Den Haag gezeten, ook bekend als Academie van Beeldende Kunsten Psychopolis. Maar thuis voelde ik me daar allerminst. Ik was er snel weer weg. Het jaar daarop ben ik naar de Tiele Academie gegaan, ook in Den Haag. Ondanks mijn kinderdroom koos ik niet voor de OB als specialisatie, maar de richting 'functionaris in wetenschappelijke bibliotheken'. Daar heb ik nooit spijt van gehad. Dankzij de opleiding kon ik in Engeland al snel aan het werk in de bibliotheek van de 'Cambridgeshire college of arts and technology', destijds een polytechnisch college waar ook een kunstacademie aan verbonden was. Het is nu een universiteit onder de naam University of East Anglia. De bibliotheek was geweldig, heel breed georiënteerd, met uiteraard een fantastische collectie kunstboeken. In deze bibliotheek ben ik pas echt van het vak gaan houden.

Wat vind jij leuke en minder leuke kanten aan het vak van informatieprofessional?
Ik werk voornamelijk met professionals op allerlei vakgebieden, behalve de onze. Ik sta zodoende niet met mijn neus bovenop de laatste ontwikkelingen, maar wel met mijn neus bovenop de eindgebruikers, om wie het uiteindelijk allemaal draait. Het is zo leuk om te merken hoe het belang van ons vak zich opeens aan klanten openbaart. Hoe meer inzicht, hoe meer enthousiasme, draagkracht en motivatie.
Maar de mindere kanten ken ik ook. Ik merkte dat ik als 'hoofd'destijds steeds minder in het veld zat en steeds meer in de organisatie van het bedrijf zelf. Het voelde soms als een spagaat en ik miste mijn vak. Nu ik mijn eigen bedrijf heb vind ik tot mijn verbazing zelfs de bedrijfsmatige kanten leuk, met uitzondering van acquisitie. Afgelopen jaren heb ik me kunnen veroorloven daar weinig aandacht aan te besteden. Die tijd lijkt voorbij. Opdrachten binnen halen wordt een van mijn goede voornemens voor 2015.

Welke uitdagingen zie jij binnen het vakgebied?
Ons vakgebied is breed. Deskundigheid vraagt om focus. Wat willen we precies, hoe willen wij dat, waar willen we dat, met welke mogelijkheden binnen de huidige ontwikkelingen en met wie kunnen we dat realiseren? Pas wanneer deze zaken duidelijk zijn benoemd kun je met behulp van andere professionals, zoals IT'rs en communicatiespecialisten de logistiek bouwen, waarin we ons vak verder kunnen uitoefenen en ontwikkelen.

Waarom ben je lid van de KNVI?
Het hoort er bij, en zeker als zelfstandige zonder directe collega's waardeer ik het feit dat ik onder de leden van de KNVI altijd wel iemand vind die mij verder kan helpen. In die zin schept de KNVI een band.

Ik ben KNVI lid en voorlopig blijf ik dat. Het netwerk, langzaam opgebouwd, bevalt me goed. Maar ik blijf kritisch. Ik ben ook lid van de AIN, een lokaal (Amsterdams) informatienetwerk en lid van een aantal gespecialiseerde LinkedIn groepen. Die zijn van (virtueel) belang en informatief binnen de eigen specialisatie. De KNVI is noch lokaal, noch gespecialiseerd, maar geeft wel onderdak aan verschillende afdelingen en werkgroepen, die allemaal open staan voor leden uit andere werkterreinen. Het voorstel van het bestuur onlangs, helaas verworpen tijdens de ALV bood mogelijkheden voor een meer flexibele samenwerking op verschillende terreinen. Ik hoop van harte dat bestuur en leden er alsnog samen uitkomen.   

Van welke afdeling(en) ben je lid
Ik zou me het meest huis voelen 'Onderwijs en Onderzoek', maar ik ben geen lid omdat ik in mijn dagelijkse praktijk te weinig op dit terrein bezig ben. Graag zou ik een afdeling of werkgroep collectieregistratoren zien, een aan te bevelen doelgroep voor de KNVI.

Wat kan nog beter binnen de KNVI?
Zie hierboven, de KNVI laat een grote groep IP'ers liggen, nl. de collectieregistratoren bij onder meer musea en natuurhistorische instellingen. Ik moet bekennen dat ik er ook niet altijd aan denk deze collega's te porren voor een lidmaatschap. Want eerlijk is eerlijk, het is niet aan het bestuur van de KNVI alleen om te organiseren en te lobbyen. De KNVI moet het ook hebben van actieve leden.

Welk advies heb jij voor andere Informatieprofessionals?
Plezier in welk vak dan ook is een groot goed. Wanneer dit ontbreekt, erken dat en ga op zoek naar de oorzaak. Ook hier gaat het over duidelijk benoemen wat je wilt. Praten met collega's en leidinggevenden helpt daarbij. Een andere baan of zelfs een ander vak is een rigoureuze oplossing. Neem de tijd, misschien is dat niet nodig, maar zo ja, dan is angst voor het onbekende een slechte raadgever. Go for it. 

Waarvoor kunnen mensen altijd bij jou terecht?
Voor wat sparren, een praatje, een goeie tip. Je kunt het niet alleen. Ik ben alle vakgenoten die mij steeds weer hun tijd gunnen en mij gul van informatie voorzien innig dankbaar. Ik hoop voor anderen hetzelfde te kunnen betekenen. Daarnaast ben ik ook vooral een doener. Problemen met software, scriptjes, zoekopdrachten of de resultaten onder de loep nemen, ha leuk, oplossen. 

Wat had je ooit willen zijn, als je geen informatieprofessional was geworden?
Romantisch gedacht wil ik nog steeds grafisch ontwerper of restaurateur van papier, boeken of schilderijen worden, of iets buiten in de frisse lucht, of of … Er is zo veel. Maar toen ik een aantal jaren geleden daadwerkelijk op het punt stond een ommezwaai te maken kwam ik toch weer op dit vak uit. De master van destijds 'documentaire informatiewetenschap'aan de UvA leek me te leuk om te laten liggen. Daar heb ik geen moment spijt van gehad.